Wat bedoelen we met monocultuur? Wat motiveert identitaire of nationalistische monocultuurbewegingen die hun samenleving niet pluralistisch kunnen of willen beschouwen, niet alleen in de context van Europa maar ook wereldwijd? Kunnen we positieve of zelfs emancipatorische ambities van de monocultuur situeren? Kan een cultureel homogene maatschappij ook inclusief en transformeerbaar zijn? Wat bevindt er zich in de marge van de monocultuur, en wat wordt er niet getolereerd? Wat kan de positie van kunst zijn binnen de context van de monoculturele ideologie? Of hoe zou kunst er onder de monoculturele ideologie uit kunnen zien wanneer ze tot haar logische eindpunt wordt gevoerd? 

MONOCULTURE – SOVJETPROPAGANDA

Image00022 Published by Foreign Languages Publishing House
V. Rimalov, "Economic Cooperation Between the USSR and Underdeveloped Countries",
Boek , 20 x 13 x 1 cm

Het persagentschap Novosti werd in 1961 opgericht met als doel “op alle mogelijke manieren bij te dragen tot wederzijds begrip, vertrouwen en vriendschap tussen de volkeren door nauwkeurige informatie over de USSR in het buitenland te publiceren en het Sovjetpubliek bekend te maken met het leven van volkeren van vreemde landen.” Het agentschap werkte als een indrukwekkende propagandamachine, met tal van vestigingen over de hele wereld en een totale jaarlijkse oplage van 20 miljoen drukwerken. De boekenreeks omvatte onderwerpen als de Sovjetbijdrage aan de economische ontwikkeling van derdewereldlanden, het Sovjetbeleid ter ondersteuning van nationale bevrijdingsbewegingen, en kritiek op 'hedendaags kolonialisme' en de imperialistische politiek van het Westen. Zoals vermeld in een van de boeken, namelijk European Security – Problem No.1 uit 1971, propageerden de publicaties het Sovjetbeleid van internationale vriendschap en samenwerking, wat in contrast werd gebracht met het vermeende westerse beleid van politieke uitsluiting. Naast propaganda over belangrijke problemen van het Koude Oorlog-tijdperk, waren sommige publicaties van Novosti Press ook gericht op Joodse mensen die buiten de USSR woonden en overwogen om naar de recent opgerichte staat Israël te verhuizen. In het boekje The Deceived Testify bijvoorbeeld, verschenen in 1962, neemt de propaganda een eigenaardige wending door emotionele getuigenissen te brengen van Joden die diep betreurden dat ze hun geluk in het 'kapitalistische' Israël hadden beproefd.