Wat bedoelen we met monocultuur? Wat motiveert identitaire of nationalistische monocultuurbewegingen die hun samenleving niet pluralistisch kunnen of willen beschouwen, niet alleen in de context van Europa maar ook wereldwijd? Kunnen we positieve of zelfs emancipatorische ambities van de monocultuur situeren? Kan een cultureel homogene maatschappij ook inclusief en transformeerbaar zijn? Wat bevindt er zich in de marge van de monocultuur, en wat wordt er niet getolereerd? Wat kan de positie van kunst zijn binnen de context van de monoculturele ideologie? Of hoe zou kunst er onder de monoculturele ideologie uit kunnen zien wanneer ze tot haar logische eindpunt wordt gevoerd? 

MONOCULTURE – NAZITENTOONSTELLINGEN

Image00011 scan: (c) M HKA, Published by J. F.Lehmanns Verlag
Wolfgang Willrich, "Säuberung des Kunsttempels. Eine kunstpolitische Kampfschrift zur Gesundung deutscher Kunst im Geiste nordischer Art", 1937
Boek , 16 x 22.9 x 1.8 cm
paper, ink

Wolfgang Willrich (1897-1948) was een Duitse kunstenaar en schrijver, en een van de organisatoren van de tentoonstelling Entartete Kunst (ontaarde kunst). In de jaren 1930 werkte hij kort in het Ministerie van Cultuur onder nazibewind. Zijn portretten van ‘Arische’ mannen, vrouwen en kinderen werden door de nazipartij verspreid in de vorm van posters en postkaarten, en met zijn schilderijen nam hij ook deel aan aan de Große Deutsche Kunstausstellungen. In zijn boek Reiniging van de kunsttempel. Een kunstpolitiek strijdschrift voor de gezondmaking van de Duitse kunst in de geest van de noordse stijl – dat een belangrijke inspiratiebron was voor Joseph Goebbels, minister van Volksvoorlichting en Propaganda in nazi-Duitsland – geeft Willrich een overzicht van de moderne kunst in Duitsland, die hij negatief inschat. Hij fulmineert fel tegen prominente modernistische kunstenaars als Barlach, Dix, Grosz, Heckel, Nolde, Schmidt-Rottluff en anderen van wie het werk later geconfisqueerd en vernietigd werd. Het boek begint met een citaat uit Hitlers Mein Kampf, gevolgd door een voorwoord waarin Willrich verkondigt dat het poetsen van de kunsttempel een belangrijke taak is: het gaat niet alleen om esthetische voorkeuren maar vooral om problemen rond geestelijke gezondheid. Volgens de auteur moet de 'Tempel van de kunst' voorbehouden worden aan kunst die het welzijn van de nazi-'Volksgemeinschaft' bevordert. Zelfs in nazikringen werden Willrichs opvattingen gezien als (te) radicaal.