Wat bedoelen we met monocultuur? Wat motiveert identitaire of nationalistische monocultuurbewegingen die hun samenleving niet pluralistisch kunnen of willen beschouwen, niet alleen in de context van Europa maar ook wereldwijd? Kunnen we positieve of zelfs emancipatorische ambities van de monocultuur situeren? Kan een cultureel homogene maatschappij ook inclusief en transformeerbaar zijn? Wat bevindt er zich in de marge van de monocultuur, en wat wordt er niet getolereerd? Wat kan de positie van kunst zijn binnen de context van de monoculturele ideologie? Of hoe zou kunst er onder de monoculturele ideologie uit kunnen zien wanneer ze tot haar logische eindpunt wordt gevoerd? 

MONOCULTURE – TENTOONSTELLINGSGESCHIEDENISSEN

Pan am book 135 a
Westkunst - Zeitgenössische Kunst seit 1939, 1981
Boek , 24.4 x 20 cm, 524 p, language : German, publisher : Museen der Stadt Köln/DuMont Buchverlag, Köln, ISBN : 3-7701-1292X
Ink, paper

Dit is de catalogus van een omvangrijke tentoonstelling van moderne kunst in de Kölnermessehallen in Keulen (30.5- 16.8.1981) die werd samengesteld door Laszlo Glozer en Kasper König. De opzettelijk provocerende titel Westkunst is een woordspeling op 'Weltkunst'. Men wilde ermee verwijzen naar de hegemonische westerse ideologie en naar de bestaande politieke en ideologische opdeling van Europa in West en Oost. De curatoren vetrokken van het jaar 1939 – het begin van WOII en van een massale migratie van vooraanstaande Europese kunstenaars naar New York – en kozen 800 werken van 200 kunstenaars. Methodologisch gezien werd een beroep gedaan op de formalistische traditie in de kunstgeschiedenis, waardoor elke historische ideologische contextualisering werd vermeden. De expositie was georganiseerd volgens een formeel/iconografisch principe en het idee van artistieke innovatie. Het 'Today'-gedeelte van de tentoonstelling, dat bedoeld was als representatie van het werk van opkomende kunstenaars, werd door critici omschreven als een 'vakbeurs' of  'dealerselectie'. Westkunst wordt beschouwd als een duidelijk voorbeeld van de onwil van de trans-Atlantische kunstwereld om kunstenaars van niet-westerse afkomst te aanvaarden.